PALPABELE LYMFKLIER HALS
Algemeen
Zwellingen in de hals
zijn globaal gesproken het gevolg van:
< ontstekingsprocessen bij algemene infectieziekten
of meer specifieke processen van bijv. de tandwortel
< branchiogene cysten (congenitaal)
< tumoren
Een
maligniteit dient
zeker overwogen te
worden indien
de zwelling
vast is
en de
patiënt ouder
dan 40
jaar is. Een
maligniteit kan
zowel
een primaire
tumor zijn
als een
maligne afwijking in
een lymfklier.
In 1/3 der gevallen gaat het
om een
maligne lymfoom.
Die kunnen niet
alleen vast,
maar ook week zijn
en bij alle
leeftijdsgroepen voorkomen. In de overige 2/3
der gevallen
betreft het
dan een
lymfkliermetastase van
een (nog) onbekend
proces.
Als het primaire proces in de hoofd-hals regio is gelokaliseerd betreft het altijd een plaveiselcel carcinoom, de metastasen daarvan bevinden zich in de hals zelf.
Lymfkliermetastasen in de supraclaviculaire regio van de hals zijn meestal afkomstig
van tumoren elders in het
lichaam, zoals de long, mamma, maag, colon, ovarium of prostaat. Het gaat
dan vaak om adenocarcinomen.
In principe altijd cytologische
punctie (echter niet bij verdenking
op speekselkliertumoren).
Hematologisch c.q. serologisch onderzoek alleen
uitvoeren bij gerichte
verdenking na afnemen van anamnese en lichamelijk onderzoek (ook intra-oraal). Bij negatieve
cytologie: herhalen of controle
op de polikliniek na 4 weken (bij geen
verdenking op maligniteit). Cytologie positief: handelen naar bevinden.
< maligne lymfoom: excisie voor
subtyperingsstadiëring; behandeling afhan-kelijk van stadium
< schildkliercarcinoom: nadere diagnostiek en
behandeling door chirurg / endocrinoloog
< plaveiselcelcarcinoom: idem
door KNO-arts
< adenocarcinoom: onderzoek naar
primaire tumor in mamma, prostaat,
ovarium, colon, maag, long
< kleincellig of anaplastisch ca.: beperkt onderzoek naar primaire
tumor; zo mogelijk palliatieve behandeling
< geclassificeerde tumoren: nadere diagnostiek en
behandeling door specialist, afhankelijk van tumor
< ongedifferentieerd carcinoom: herhalen cytologie en zo nodig
excisie lymfoom.
Excisie lymfklier hals
< altijd
consult KNO-arts alvorens een lymfoom in bovenste b deel
van de hals te excideren
< bij
voorkeur algehele anesthesie
< incisie
zodanig leggen dat later een lymfklierdissectie kan plaatsvinden met meenemen van het litteken
< zo
mogelijk een gehele klier verwijderen
< preparaat
vers naar P.A. sturen. Vriescoupe ter beoordeling representativiteit.
Referenties:
· Rapid access multidisciplinary lymph node diagnostic clinic: analysis of 550 patients.
AU Chau I; Kelleher MT; Cunningham
D; Norman AR; Wotherspoon A; Trott P; Rhys-Evans P; Querci
Della Rovere G; Brown G; Allen M; Waters
JS; Haque S; Murray T; Bishop
L. Br J Cancer 2003 Feb 10;88(3):354-61.
· Fine needle aspiration biopsy in the diagnosis
of
lymphadenopathy
in
1,103
patients.
Role,
limitations and
analysis
of
diagnostic pitfalls. AU Steel BL; Schwartz MR; Ramzy I. Acta Cytol 1995 Jan-Feb;39(1):76-81.